Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bemerken, dat zij dit te vergeefs doen, en dan plotseling met gelatenheid het juk op den nek nemen, om voor altijd getemd te zijn.

Wij zijn evenals koning David, die, zoolang zijn zoon leefde, Jehova onophoudelijk met smeekbeden bestormde en zich als een wanhopige gedroeg, maar zoodra zijn zoon gestorven was, er niet meer aan dacht.

Dit is ook de reden, waarom tallooze blijvende rampen, zooals kreupelheid, armoede, onaanzienlijke stand, leelijkheid, ongeriefelijke woning, door ontelbaren met volmaakte onverschilligheid verdragen, en zelfs niet meer gevoeld worden, evenals litteekens van wonden, alleen omdat zij weten, dat tengevolge van inwendige of uitwendige noodzakelijkheid hier niets in veranderd kan worden; terwijl gelukkigen niet begrijpen, hoe men zulks verdragen kan.

Zooals met de uitwendige noodzakelijkheid, zoo verzoent niets zoo gemakkelijk met de inwendige noodzakelijkheid, als een duidelijke kennis ervan.

Hebben wij zoowel onze goede hoedanigheden en krachten, als onze gebreken en zwakheden eenmaal duidelijk leeren kennen, overeenkomstig daarmede ons doel vastgesteld, en berusten wij ten slotte in het onbereikbare, dan ontgaan wij daardoor op de zekerste wijze, voor zoover onze individualiteit dit toelaat, het bitterste van alle lijden, de ontevredenheid over ons zeiven, die het onvermijdelijke gevolg is van de onkunde van onze eigen individualiteit, van valschen eigendunk en de daaruit

ontstaande vermetelheid

* *

*

Door de voorafgaande beschouwingen over het menschelijk handelen hebben wij onze laatste beschouwing voorbereid en... wil ik vooraf de begrippen van goed en kwaad, welke door de wijsgeerige schrijvers van onze dagen, op hoogst wonderlijke wijze, als eenvoudige, dus niet tot analyse geschikte begrippen behandeld worden, tot hun eigenlijke beteekenis terugbrengen, opdat men soms niet in een onduideliiken waan zou blijven verkeeren, dat zij meer bevatten, dan in werkelijkheid het geval is, en aan en voor zich reeds al hetgeen hier vereischt wordt, verklaarden.

Dit kan ik doen, omdat ik zelf even weinig genegen ben, in de Ethica achter het woord goed een schuilplaats te zoeken, als ik deze vroeger achter de woorden schoon of waar gezocht

Sluiten