is toegevoegd aan uw favorieten.

Arthur Schopenhauer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hieruit moeten voor den individu, die er mede begunstigd is, onderscheidene nadeelen ontstaan. Want zijn intellect zal over het algemeen de gebreken aantoonen, die bij ieder werktuig wat gebruikt wordt tot iets, waartoe het niet gemaakt ie, gewoonlijk niet uitblijven.

Op de allereerste plaats zal het terzelfder tijd de dienaar van twee heeren zijn, daar het zich bij iedere gelegenheid losmaakt van den dienst, waartoe het bestemd is, om zijn eigen doeleinden na te streven, ten gevolge waarvan het den wil dikwijls, zeer ten ontijde, in den steek laat, en de aldus begaafde individu voor het leven meer of minder onbruikbaar wordt, ja in zijn gedragingen somtijds aan den waanzin herinnert.

Het zal, krachtens zijn hoog opgevoerd kenvermogen, in de dingen meer het algemeene dan het bijzondere zien, terwijl de dienst van den wil hoofdzakelijk de kennis van het bijzondere vereischt.

Maar wanneer bij de een of andere gelegenheid dit geheele ongewoon verhoogde kenvermogen zich plotseling met al zijn energie op de aangelegenheden en de misères van den wil richt, zal het deze gemakkelijk al te levendig opnemen, alles beschouwen onder te schrille kleuren, onder te helder licht en op ongewone wijze vergroot, waardoor de individu tot louter uitersten vervalt.

Om dit nog nader te verklaren, moge het volgende dienen.

Alle groote theoretische verrichtingen, op welk gebied dit ook zij, worden tot stand gebracht, doordat de uitvoerder alle vermogens van zijn geest op één enkel punt richt, waarin hij hen tezamen laat vloeien en concentreert, zoo krachtig, zoo vast en zoo uitsluitend, dat de geheele overige wereld voor hem verdwijnt en zijn onderwerp hem plaats houdt voor alle realiteit.

De groote, geweldige concentratie, die tot de voorrechten van het genie behoort, doet zich somtijds ook voor bij de onderwerpen der werkelijkheid en de aangelegenheden van het dagelijksch leven, die onder zulk een brandpunt gebracht, op zoo monsterachtige wijze vergroot worden, dat zij zich voordoen als de vloo die onder den zonnemicroscoop de grootte van een olifant aanneemt.

Hierin is ook de reden gelegen dat hoogbegaafde individuen somtijds over kleinigheden door hevige aandoeningen van de meest verschillenden aard aangegrepen worden, die anderen onbegrijpelijk voorkomen, zooals wanneer zij zich verplaatst