Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

er met volkomen gelatenheid in berust, dat hem geen aandacht geschonken zal worden, zooals de loop der wereld dit nu eenmaal schijnt te willen, en regel is.

Intusschen geef ik dezen raad niet coram populo, in publieke dagbladen, om daardoor zoo krachtig mogelijk opvolging voor hem af te dwingen, maar zooals het dengene, die iets ernstig meent, betaamt, wend ik mij rechtstreeks en alleen, zonder vreemde getuigen, tot hen die deze zaak besturen.

1®. Bij werken van deze soort kan gebrek aan inzicht en smaak niet vergoed worden door de grootte van de gemaakte kosten, wel echter omgekeerd.

2". Het gedenkteeken van een groot man moet een verheven indruk maken. Het verhevene is steeds eenvoudig.

3 . Statuae equestres et pedestres, dus geheele figuren, standbeelden, zijn, goed overwogen, alleen passend voor mannen, die met hun geheele persoonlijkheid, met hart en hoofd, ja niet zelden ook nog met arm en been voor het menschdom werkzaam zijn geweest, dus voor helden, legeraanvoerders, heerschers, staatslieden, volksredenaars, godsdienststichters, heiligen, hervormers, enz. Mannen van genie daarentegen, zooals dichters, wijsgeeren, kunstenaars, geleerden, die zich eigenlijk alleen met het hoofd jegens het menschdom verdienstelijk gemaakt hebben, past alleen een buste, de voorstelling n.1. van het hoofd.

Dezen grondregel schijnt de fijngevoelige oudheid gevolgd te hebben: wij vinden tallooze standbeelden van helden en volksredenaars ; daarentegen van dichters en wijsgeeren in den regel alleen busten, en deze eveneens in groot aantal. Als uitzondering op dezen regel herinner ik mij alleen de beide zittende heele figuren van Alexander en Philemon in het Yaticaan, die bezwaarlijk openbare gedenkteekenen kunnen geweest zijn en het zittende standbeeld in het Palazzo Spada te Rome, dat vermoedelijk Aristoteles moet voorstellen, maar waarvan het onderwerp twijfelachtig, en wellicht een of andere staatsman is.

Pausanias somt, in het tweede Boek der Eliaca, een groot aantal aldaar opgerichte standbeelden op van overwinnaars bij de Olympische spelen, die alle athleten waren, met uitzondering van één enkele, den geschiedschrijver Anaximenes, die slechts een borstbeeld (ttxth en niet civlpm) schijnt gehad te hebben. De nieuweren bezitten over het algemeen geen gezag in zake architectuur en beeldhouwkunst, de Engelschen wel het minst, daarom kan men zich niet beroepen op Shakespeare in de

Sluiten