Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

By den uitgever dezes verscheen van denzelfden schryver:

DONKERE MACHTEN

(ROMAN).

Prys f 2.75 ing., f 3.25 geb.

OORDEEL

„... Wy kunnen wijzen — met hartelijke blijdschap — op een roman, getuigend van een rijpheid, die ons in weldoende verbazing heeft gebracht. Deze studie van grondwerkers, — 'tboek handelt over menschen op een afzanderij — is met ernst ondernomen, met liefde voltooid en zóó krachtig van stijl, van de eerste tot de laatste pagina, dat wij niet aarzelen het werk te rekenen tot de zéér goede realistische romans, die in onze taal geschreven werden..."

(De Nieuwe Courant).

In 't kneden van zijn grondstoffen is van Eckeren, dunkt me, al héél gelukkig geweest. Bijna overal was hij de meerdere, de beheerscher van zijn taaJ-voorraad, en zijn kennis van de techniek van het schrijven duidt inderdaad op een respectabel talent, krachtig genoeg om zich er nu eens niet onder te laten duwen door de preektoon-kliek, en zich evenmin te laten inlijven bij de malle schijnrubrieken socialistische, proletarische of realistische kunst..

(De Amsterdammer, Weekblad voor Nederland).

.. Als geheel heeft van Eckeren hier een werk geleverd, dat van gevoel, van mooie visie en ook van groote virtuositeit getuigt. Bewonderenswaardig heeft hij de taal bemachtigd; zijn fijnste gevoelen ongerept, zooals het in hem leefde, vloeit dóór zijn taal naar den ontvankelijken lezer over, die in eerbied geniet, met dankbaarheid

DER PERS:

voor wie het genot hem gaf... Welke mooie, niet nagejaagde, maar gerechtvaardigde, noodzakelijke effecten verkrijgt van Eckeren telkens met die machtige, roerende tegenstellingen van het kleine, wiemelende leven van die rampzalige werkerskolonie, alleen, nietig, desolaat te midden van de groote verlatenheid van zee en duinen, van het immense leven der zon, van den grooten gang van het weêr— Het is alles mooi werk van een groot talent en een fijne ziel..."

(Dagblad van Zuid-Holland en 's Gravenhage).

„... De auteur heeft de hoofdpersoon, Anne, met groote nauwkeurigheid geteekend en getracht ons dat schepseltje vol tegenstrijdigheden duidelijk voor oogen te stellen. Hij beschrijft meesterlijk niet alleen het uiterlijke, maar ook alles wat den innerlijken drang tot handelen raakt."

(Prov. Zwolsche en Overysselsche Courant).

„... Treffend is de schildering van 't leven dier polderwerkers..

(Arnhemsche Courant).

„... Het leven van de hoofdpersoon, een meisje uit een door de drankzucht van den vader vervallen gezin, ellendig levend in een keet op een groot werk, is hier zonder twijfel knap verteld, het werken van de vele ploegen arbeiders werkelijk plastisch beschreven..."

(Algemeen Handelsblad).

Sluiten