Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gepraat had en gepraat en hem gevraagd, en hoe hij maar geloopen had, zonder haar te hooren, en hoe zijn gezicht soms had getrokken of hij pijn had ...

Zij huilde nu zachtjes achter haar voiletje.

„O, ik was al zoo bang, ik was al zoo bang, van het begin van de wandeling af al, hoewel ik je niets wou laten merken, omdat ik dacht dat 't kinderachtig van mij was. Maar nu weet ik dat het waar is, waar ik zoo bang voor was, nu weet ik het..."

Hij trok haar teeder tegen zich aan, kuste haar.

„Waar was je dan zoo bang voor, schatje ?" fluisterde hij, angstig-gesmoord, als had hij een voorgevoel van wat er komen zou.

„Maar zal je niet boos zijn, als ik 't zeg?" snikte zij, haar hoofd tegen zijn schouder aandrukkend. Toen, bijna onhoorbaar:

Zeg Otty, zeg 't, o tóe zég het me liever, als je... me niet... zóo lief hebt... als je ..

Maar hij legde snel zijn hand op haar mond.

„O, denk dat toch niet, Emmy, beloof me dat toch nooit meer te denken," smeekte hij dringend; „zeg Emmy, zal je zoo iets nooit, nooit meer denken ?" ...

Door haar tranen heen glimlachte zij. Zijn stem klonk zoo overredend en zij geloofde zoo graag.

Weer kuste hij haar. „We zijn alleen nog maar niet aan elkaar gewend," sprak hij, toch, vaag, het voelend dat er nog iets anders was ...

Gearmd liepen zij weêr voort. De zon was nu bijna

Sluiten