Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werkelijkheid terugvoerde. Het was Witman achter hem, die vroeg of hij zich geamuseerd had dien Zondag en hoe Ka-Bet het maakte.

„O, perfect...." antwoordde de jonge man onverschillig en tuurde weêr naar buiten. En hij dacht, hoe alles nu voorbij was en hoe nu alles weêr zou worden als eerst, vóór hij Ka-Bet kende. Hij zou weêr'meegesleurd worden

door de ruimten heen, altijd altijd zonder doel,

zonder bestemming Ka-Bet het kruidenierswinkeltje: nooit zou hij ze terugzien

O God, die eenzaamheid en die wijdheid overal!

Opeens had hij zich uit zijn hangende houding opgericht. Waarom langer, als 't niet langer hoefde?

Hij deed een stap zijwaarts, — maar tegelijk voelde hij Witman hem bij den schouder grijpen.

„Kerel! Ben je gek, mot je d'r afrollen "

Onverschillig trad hij terug, stak den machinist de hand toe. „Dank-je " mompelde hij.

De trein stormde voort — — —

1900.

Sluiten