Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Verrek".... snauwde die. „Hou je pootenthuis "

Vrouw Messers woelde onrustig op haar stoel. — O, o, wat zou dat nu.... wat zou dat nu....

Marie kwam binnen, een tenger kind van twaalf jaar in een verbleekt-roze katoenen jurkje en bont boezelaar, een bruin stroo-hoedje op 't hoofd, waar van achter een kort, bleek-blond kattestaartig vlechtje neêrtingelde tot even haar smalle schouders. Een leelijk, spichtig kind was 't, dat verlegen-schuw op de tafel toetrad.

Alle oogen zagen nu naar haar; onnoozel-wijd, een donker gat, hing Jops mond open boven den half-opgeheven, afdruppelenden lepel.

Maar Messers' stem deed zijn vrouw in elkaar krimpen van angst.

„Bet, geef dat meissie 's een steenen bordje...." Bet kromde zich gierend op haar stoel.

„En 'n zuiveren leppeltje!"

„En 'n glaassie, zoo'n fijn pons-glaassie "

„Marie!" smeekte vrouw Messers, die opgestaan

was en een stoel naast den haren geschoven had. Het kind kwam naast haar moeder zitten; die streek het liefkoozend met de eeltige werkhand over 't gladde haar „Hoe hê-je 't gehad?" fluisterde zij gretig. Doch Marie kon niet antwoorden. Er was een twist tusschen Messers en Martha ontstaan. Martha had gezien, hoe haar vader de pap-teil met beide handen had aangevat, een oogenblik, waarop hij meende dat niemand naar hem keek. Martha, opspringend, lang en schraal over de tafel heen,

Sluiten