is toegevoegd aan uw favorieten.

Studies

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan den anderen kant van de vaart naar ver, ver weg, waar de stad was. Links van den weg strekten weer weilanden, niets dan weilanden en slooten, met 's zomers bulkende koeien en gerammel van melkemmers.

En ginds, even voorbij het watermolentje, dat net een koddig mannetje leek op een afstand, lag de rij huizen van Wemel, slaperig en in elkaar gedrukt, soms met wat groezelen rook er opkringend boven de lage daken

III

Op haar dertiende jaar had zij een tijd lang school gegaan op 't dorp, waar ze lezen en schrijven had geleerd. Maar de andere kinderen plaagden haar, omdat ze veel van droomen hield, en zoo had grootvader toegestaan dat ze bij hem thuisbleef en het huisje in orde hield. Eenige maanden had ze nog zichzelve in lezen en schrijven verder geoefend, maar ze hield niet van leeren en ze had dat daarom dan ook spoedig laten varen.

Haar grootvader had zij nooit anders gekend dan als een vreemde, onverschillige oude man. Vuil en verwaarloosd zag hij er uit in zijn groen-versleten jasje vol veten biervlekken, dat van achteren grappig gespannen zat boven 't bocheltje en met z'n twee pandjes in scheeve lijn naar omlaag viel.

Onder zijn morsig, grijs-geel plokje baard droeg hij altijd een half-hempje en roodachtige das, zooals de heeren in