is toegevoegd aan uw favorieten.

Studies

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

er van avond geen maan was.... Buiten murmelden maar altijd de golfjes in de vaart tegen de peilers van de brug.

Als hij nu toch eens kwam! — Ze kon niet rustig meer blijven liggen, woelde en woelde. Zoo warm en zoo beverig begon ze zich te voelen.

Opeens schrikte ze. Wat was dat?! Neen, 't was niets; grootvader die wat stommelde op zijn kamertje. Alles bleef nu weer stil. Maar in haar ooren ging het door te zeuren, altijd maar datzelfde. Nog een half uur bleef ze zoo liggen, woelende, 't Werd haar of er een benauwende poeier door de kamer zweefde, die haar 't vrij-uit ademen belette. Neen, dat hield ze niet meer uit zoo. Ze moest versche lucht hebben.

Een oogenblik later stond ze naast haar bed. - Wat nou? 't Raam openen? Nee, 't was beter dat ze zich stil aankleedde en dan nog wat buiten ging rondloopen. Ssst, dat ze grootva niet wakker maakte

In een paar minuten was ze klaar; sloop op haar kousen, haar schoenen in de hand, het zoldertje af naar beneden. Even naar grootva kijken? Nee, die sliep. Nou dan maar gauw naar buiten.

Ze stond nu buiten in den nacht; haalde diep adem. Hè, dat deê goed. Haar hart klopte luid; ze had zich

toch leelijk opgewonden daareven, en waarom om

niks.... gekke meid die ze was!.... Wat was het donker, je kon de brug nauwelijks zien; was d'r nou maar wat maneschijn