is toegevoegd aan uw favorieten.

Studies

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geworden was.... wijken voor dezen slechtaard, dit halve dier!

Het dwarrelde hem alles door het brein; zijn ledematen, ^ansch zijn lichaam trilde; een woede, als een waanzin, steeg in zijn hoofd. — En schor uitte hij nog eens: „Je liegt...., krampachtig zijn handen ineen wriemelend.

Gijs was opgestaan; onder zijn roode haar werd zijn gelaat rood van drift, om die tegenspraak.

„Lieg ik?.... vroeg hij dagend, zijn vuist duwend onder Bertels' neus.

En deze, in zijn woede, herhaalde, schor: „Jeliegt!... Hij duizelde weg onder den slag

III.

De zon, die vroolijk in het kamertje scheen en de kanarie, die met lange, jubelende slierten zijn gezang deed uit-trilleren, wekten hem uit zijn slaap.

Hij wist niet terstond waar hij was, voelde zich wat dof in 't achterhoofd; herinnerde zich toch nog vaag, van-nacht - of was het geen nacht toen? - te zijn wakker geworden: zijn moeder dMr voor zijn bed met een kaars, en een heer in 't zwart, hij geloofde de dokter, die zich over hem had heen gebogen. — Toen was hij weêr weg geweest

Nu, dat hij ontwaakte, begreep hij dat hij geslapen moest hebben, want behalve die lichte dofheid in zijn achterhoofd, voelde hij zich heel wel, bijna vroolijk, met