is toegevoegd aan uw favorieten.

Groote leeraren der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heilige kennis bezaten, zoo hadden de Perzische wijzen den naam dat zij het verder gebracht hadden in de praktische uitoefening van zekere occulte vermogens. Zij beriepen zich op hun beheersching van die occulte krachten der natuur, die „pantornorphisch \ uur en „astraal Licht" genoemd worden. Men vertelde, dat het in hun tempels soms midden op den dag volkomen duister werd, dat de lampen van zelf aangestoken werden, dat men de Goden bliksemstralen zag schieten en den donder hoorde rommelen. De wijzen noemden dit onstoffelijk vuur, deze scheppende kracht der electriciteit die zij naar verkiezing ophoopen of verspreiden konden: hemelsclien leeuw en de electrische en magnetische stroomingen in den dampkring en om de aarde, die zij beweerden als pijlen op de menschheid te kunnen richten: slangen. Zij hadden ook een bijzondere studie gemaakt van de suggestieve, aantrekkende en scheppende kracht van het gesproken woord. Voor de oproeping van geesten gebruikten zij formules van verschillende kracht, ontleend aan de oudste talen der wereld. Hier volgt de psychische reden, dien zij er zelf van gaven: - „Verander niets aan de vreemde termen der geestenoproeping, want zij zijn de pantheïstische namen om de Godheid aan te duiden; zij zijn magnetisch geworden door de vereering der menigte en hun macht is onuitsprekelijk." ') Deze aanroepingen, onder reinigingen en gebeden uitgesproken, waren eigenlijk wat men later de zoo-

') Godspraken van Zoroaster, verzameld in de Theürtrie van Proclus.