is toegevoegd aan uw favorieten.

Groote leeraren der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

luchtlagen op te stijgen, zich los te rukken van de aardsche aantrekkingskracht en in den hemel van ons zonnestelsel de sfeer te bereiken, die voor haar geschikt is en die vriendelijke gidsen alleen haar kunnen doen kennen. Maar voordat zij hen hoort en ziet, verloopt soms lange tijd. Deze phase in het zieleleven heeft in alle godsdiensten en mythologieën verschillende namen gedragen. Mozes noemt ze Horeb; Orpheus: Erebus; het Christendom het Vagevuur of de Vallei van de schaduw des doods. De Grieksche Ingewijden vereenzelvigden haar met den schaduwkegel, dien de aarde altijd achter zich medesleept en die tot de maan reikt en noemde haar daarom den afgrond van Hecate. In dezen duisteren poel bewegen zich, volgens de volgelingen van Orpheus en Pythagoras, de zielen, die voor wanhopige pogingen de sfeer der maan trachten te bereiken en die de kracht der winden bij duizenden op de aarde terugwerpt. Homerus en Yirgilius vergelijken ze bij groepen ronddwarrelende bladeren of zwermen vogels, versuft door den stormwind. De maan speelde een groote rol in de oude esoterische leer. Men meende, dat op de zijde die naar den hemel gekeerd is, de zielen haar astraal lichaam zuiverden, voordat zij haar opstijging hemelwaarts vervolgden. Ook veronderstelde men, dat de helden en goede geesten eenigen tijd verblijf hielden op de zijde, die naar de aarde gekeerd is, ten einde zich in een lichaam te huilen, geschikt voor wedergeboorte in onze wereid. Men kende aan de maan eenigermate het vermogen toe, de ziel voor haar geboorte op aarde van magne-