is toegevoegd aan uw favorieten.

Groote leeraren der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft haar goddelijk tehuis teruggevonden. Want het geheimzinnige licht, waarin zij zich baadt, dat van haar zelf uitstraalt en tot haar wederkeert in den glimlach der veelgeliefden, dit licht vol zaligheid... is de Ziel der wereld... daarin voelt zij de tegenwoordigheid van God! Nu zijn alle hinderpalen opgeheven; zij zal liefhebben, weten, leven, onbelemmerd, met al de kracht waarover zij beschikt. O, ongekende, wonderbare heerlijkheid! Zij voelt zich door banden van diepe genegenheid aan allen, die haar omgeven, verbonden. Want in dit leven na dit leven vermijden diegenen elkaar, die niet van elkander houden en alleen zij die elkaar begrijpen kunnen, vereenigen zich. Met haar metgezellen zal zij de goddelijke Mysteriën vieren in schoonere tempels, in volkomener gemeenschap. Zij zullen altijd nieuwe, levende gedichten vormen, waarvan elke ziel een couplet zal zijn, en iedere ziel zal haar leven voelen leven in dat van andere zielen. Dan zal zij zich bevend van ontroering tot het licht opheffen, dat van boven neerstraalt; op de roepstem van de Godsgezanten, de gevleugelde Beschermgeesten, van hen die men Goden noemt, omdat zij aan den kringloop der geboorten ontgroeid zijn. Geleid door deze verheven verstandswezens zal zij trachten het groote gedicht van het occulte Woord te spellen en in zich op te nemen, wat zij van de machtige symphonie van het heelal zal kunnen begrijpen. Zij zal de leeringen ontvangen van de hiërarchieën wezens uit de sferen der goddelijke Liefde, de goddelijke Kiemen trachten te zien, die de bezielde Geesten over de werelden verspreiden, de verheerlijkte