Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijks vermoeden. De oorzaak ligt ook in de strenge geheimhouding der Mysteriën. Toch heeft de godsdienstige en wijsgeerige overlevering het spoor deiingewijde vrouw bewaard. Achter de officieele poëzie en wijsbegeerte treden eenige half gesluierde, maar stralende vrouwenfiguren naar voren. Wij hebben reeds kennis gemaakt met de Pythia Theoclea, die Pythagoras bezielde; later komt de priesteres Corinna, die dikwijls de gelukkige mededingster was van Pindarus, zelf een der grootste Ingewijden onder de Grieksche lyrische dichters; ten slotte verschijnt de geheimzinnige Diotima aan het feestmaal van Plato om de hoogste openbaring te geven aangaande de liefde. Deze bijzondere rollen daargelaten, oefende de Grieksche vrouw haar waar priesterambt uit aan den huiselijken haard en in het gynaeceum. De uitkomsten van haar eigen schepping waren juist die helden, die kunstenaars en die dichters, wier zangen, beelden en verheven daden wij bewonderen. Zij was het, die hen door het mysterie der liefde ontving, hen in haar schoot vormde met het verlangen naar schoonheid en hen liet opgroeien onder haar beschuttende, moederlijke vleugels. Laten wij er bijvoegen, dat voor de waarlijk ingewijde man en vrouw de schepping van het kind een oneindig schoonere beteekenis, een veel grooter gewicht heeft dan voor ons. Daar de vader en moeder overtuigd zijn, dat de ziel van het kind reeds vóór haar aardsche geboorte bestaat, wordt de verwekking een heilige handeling, een oproeping aan een ziel om zich te incarneeren. Tusschen de belichaamde ziel en

Sluiten