is toegevoegd aan uw favorieten.

Litteraire wandelingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En al hoort men in de laatste jaren vaak de tegenwerping: ,,Dekker was een goed schrijver, maar een slecht ambtenaar", mij dunkt, dat de mensch moet voorgaan en pas in de tweede plaats de ambtenaar komt. Een staat, die aan zijn ambtenaren anders zou voorschrijven, zou zijn eigen doodvonnis onderteekenen, zijn eigen ledematen doen verdorren, zoodat ze zonder buigen gemakkelijk onder den eerst opstijgenden storm

van anarchie zouden breken en vallen.

* *

*

In een zijner laatste opstellen komt de heer Van Keymeulen op tegen eene zeer verspreide dwaling ten opzichte van het Vlaamsche ras.

W anneer men de romanschrijvers wil gelooven, dan zijnde Vlamingen kolossen en hunne vrouwen Junonische gestalten. Maar het is vooral Rubens, die door zijne over de heele wereld verspreide schilderijen (volgens Jozef Israëls het geweldigste schilderstemperament, dat ooit heeft bestaan), het is vooral Rubens, zeg ik, die deze voorstelling in de hand heeft gewerkt. Zijn baardige kerels en hunne gespierde armen en beenen, zijne vleezige vrouwen zijn aan ieder bekend. In werkelijkheid, zegt de heer Van Keymeulen, is het ras verzwakt en vermagerd door drie eeuwen onheilvolle burger- en godsdienstoorlogen, die hun de meest krachtige en gezonde elementen hebben ontnomen.

„Dit werk van degradatie is gevolgd door de armoede,