Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

angstig te vermijden germanismen waren en zijn autoriteit is groot genoeg, om die vergeten oud-Germaansche syllaben gastvrij bij ons te doen ontvangen. Hij is niet de eenige die dat doet; ook Bilderdijk was een liefhebber van germanismen. Geleerde dichters, die diep in de ziel der Germaansche talen zijn doorgedrongen, kunnen dien moed hebben en men moet al heel angstvallig wezen en zwak op zijn beenen staan, indien men zooals zekere schrijver gedurende twee jaren geen Duitsch boek wilde lezen, om van germanismen bevrijd te blijven.

Deze gedichten zijn diep van beteekenis. Onder den zwaren en volumineusen klank is menig fijn sentiment verscholen. Dit is ook een kenmerk van Verwey's verzen, dat het volume van den klank de uitgebreidheid van het sentiment verre overtreft. Het omhulsel is grooter dan de kern en zooals bij menige kostelijke vrucht vergasten wij ons liever aan het sappige omhulsel dan aan de harde kern.

Zeer fijn is b.v. dit sonnet:

Gij vraagt, waarom ik, vreemdling in uw kring,

Niet tracht te blinken, maar met stil gelaat Me op ieders woord gemeenzaam wiegen laat En zelf naar geener goede meening ding,

En gist: 't is waar, een Koning, die zijn staat

Steeds voelt, duldt ook niet, dat hij zelf zich dring ln andrer oog, daar toch elk vreemdeling Die wil wel weet dat daar een koning gaat.

Maar zoo was 't niet. Ik dong naar liefde en faam

En won mij beide. En tot ik eenzaam vlood.

Spiegelde ik blij me in oog en schoonen naam.

En — 'k wist het niet voor gij 't zoo zei — uit nood

Of neiging werd 'k een stille man, en saam Met elk leef ik en voel mij klein noch groot.

Sluiten