is toegevoegd aan uw favorieten.

Litteraire wandelingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het volmaaktste uit dit boek dunkt mij de afdeeling getiteld „Verborgen wegen", waarin onder andere deze regels voorkomen :

Hij lachte om d'aardschen straal en weende in schemer,

Veel donkre gangen van zijn hart doorging Hij stom, verslagen ; en zijn droom ontving Van heilbeloften 't dagende geschemer.

Zijn hart, dat labyrinth, dat poelen-vol

Zijn voet verborg die hij zoo graag zag schrijden.

Deed hem, ontdaan, met sombren mond belijden,

Dat de eene zonde in ons tot zonden zwol.

Als dan zijn stem den roepensklank verloor

Van angst, dat toch hem niet een macht'ger hoorde,

Zonk hij in slaap en door zijn droomen gloorde Eeu beeld en dwaalde een straal zijn donker door.

enz.

Dit zijn, alléén litterair beschouwd, voortreffelijke woordakkoorden, dat zijn de tonen van een meester. Toch denk ik met weemoed terug aan die zooveel inniger en zooveel natuurlijker melodieën van s dichters eersten bundel, één waarin dat nooit overtroffen: „In memoriam patris" mij doet treuren over de trieste waarheid, dat een dichter in zijn mannenjaren nooit het eenige accent zijner jeugd terugvindt. Boven elke kunst gaat de natuur. En men vergete het niet, de zeldzame sensaties, in kunstvorm gebracht, staan niet hooger dan de gewone. Instinctmatig voelt de menschheid, dat opzettelijk gezochte sensaties den mensch nadeelig zijn en op den duur den ondergang tegemoet voeren.