is toegevoegd aan uw favorieten.

De nachtbruid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op Lucia's gezichtje te volgen. Ze keek met bizonder wijde schitterende blikken uit haar groote, donkere oogen van moeder naar mij, doch wist goed te verbergen dat de verrassing pijnlijk was. Een sterk blozen kon ze echter niet onderdrukken, en toen ze 't voelde, en begreep dat het niet anders als een al te groote en smartelijke belangstelling kon verraden, werd de blos van schaamte nog dieper.

— «Dat is mooi!» zei ze met door ontroering plechtige stem.

— «Als Christus mij maar aannemen wil» zei ik «volgens u beiden ben ik toch nog maar een halve heiden» —

— «O! hij wil je zeker aannemen! hij zal goed voor je zijn!» zei Lucia op een toon, die meer zekerheid verried omtrent het wezen waaronder zij sprak dan het «Jesus Christ our Lord» van Emmy.

— «Hoe weet je dat zoo zeker, Lucia?» vroeg ik, dadelijk opmerkzaam «Ken je hem zoo goed? Kun je mij beduiden wat Hij is?»

— «Of ik Hem ken?» riep ze hartstochtelijk uit, met een lachje van verstandhouding naar moeder. «Wat moet ik antwoorden, moeder? Hij vraagt of wij den lieven Jezus kennen.»

— «Wat antwoord jij zelf, Vico, als zij je vraagt of je mij kent, je moeder?»