is toegevoegd aan uw favorieten.

De nachtbruid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

al wat leeft, van de grove Hollanders tot de logge koeien toe, in een zelfde vredige, dichterlijke avondzaligheid schijnt op te gaan — om te begrijpen hoezeer dit alles gelijkt op die wonderbare illuzie onzer droomen, als het eenvoudigste op onverklaarbare wijze praalt in een gloed van hemelsche heerlijkheid en onuitsprekelijk schoon en onze herinnering dagen lang met zijn zaligheid kan vervullen.

Maar de bewoners van dit droomerig landje worden niet graag droomerig genoemd. Zooals ik dit woord versta is het een compliment dat mijn landslieden méér verdienen, maar de Hollanders zelf voelen zich gevleid, en zeer ten onrechte, als ik zoo eens op de societeit vertel dat de Italianen veel droomeriger lieden zijn dan zij. Een droomer is voor den Hollander een domkop en een suffer, en onze makelaar, een kleine baas met een grauwen baard en glurende dom-sluwe oogjes, die zich voor erg gewikst houdt omdat hij overal voordeeltjes uit weet te slaan en zijn brandkastje weet te vullen, vertelt altijd met veel voldoening dat hij nooit heeft geweten wat droomen zijn. Als hij slaapt dan slaapt hij ook en weet van niets, dus van nog minder dan als hij wakker is. En de docter, een jonge, dikke, joviale kerel, met een sterk mulatten-type en populair om zijn fideele hartelijkheid en oude studenten-grappen, — zegt dat alle droomen patho-