Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onzin van den droom, ergerde me. Nacht aan nacht werd ik bedot en op de malste wijze bij den neus genomen. Soms scheen het alsof juist met mijn ernstigste voornemens en heiligste gevoelens de draak werd gestoken. En morgen aan morgen was het niet enkel met verbazing, maar ook met een klimmende schaamte en verbolgenheid dat ik ontwakend bemerkte hoe bespottelijk ik weer voor den mal' was gehouden. Dat kon niet uit mijzelven komen, het moest mij zijn opgedrongen, het was suggestie, inprenting, die mijn geest en oordeel bedreigde en overrompelde, en ik was besloten het niet te dulden. Ik verdroeg het niet, en ik zocht ingespannen naar middelen om mijn gezonde ziel en vrij oordeel te verweren. Zoo kan ik zeggen dat mijn heftige levenslange strijd tot zelfzuivering en tot het naderen aan de zaligheid verdubbelde en zoowel 's nachts als overdag gevoerd werd, en dit inderdaad tot groot voordeel. Want het is dezelfde ziel, en het zijn dezelfde machten die 's nachts en overdag in werking en weerwerking staan, en het leven met de lijfelijke zintuigen overdag is mij niet het minst door het nachtelijke zintuiglooze leven helderder geworden.

Ik gewende mij, des morgens nauwkeurig te memoreeren wat mij des nachts was overkomen, en des avonds vóór 't inslapen vaste besluiten te nemen, zelf-

Sluiten