Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

donderwolk die langzaam omhoog trok over het hemelblauw. Dat was een onheilsteeken. Maar ik was trotsch en gelukkig en niet bang en wilde haar in de armen sluiten. Doch ze was weg, mijn volle denkhelderheid verminderde, doch niet mijn geluksgevoel. De droom kreeg toen symbolische beteekenis, zooals dat vaak gebeurt. Ik zag een lange reeks onvrije menschen, als een processie slaven, en daartusschen veel priesters. En ik zei dingen die ik wist dat anderen het leven zouden kosten, ketterijen over het kwaad dat valsche godsdienst deed, en ik zag de armen bleek worden van schrik en de priesters bleek van kwaadheid, maar ik zweefde boven hen uit en hun haat was machteloos. Toen zag ik een groot gebouw, een zeer eigenaardig schoonen, indrukwekkenden tempel, met groen mos op den bodem en geweldige zuilen van grauwen steen. Daar mocht niemand in zonder goedvinden van de priesters. Maar ik zweefde vrij boven hen uit en kwam van boven af door de vensters binnen. En ieder zag mij en verbaasde zich, en er was een soort verzwegen erkentenis dat ik de eenige was die dit doen kon, en de priesters trachtten het feit te loochenen en soms ook mij te vangen. Maar ik lachte hen uit, en als ze mij wilden aanraken verlamde ik hen met een gebaar.

En hierin was geen ziekelijke trots of haat, maar

Sluiten