Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Daar stond ik, arme zondaar, met mijn mond vol tanden. En ik voelde, bij 't zoeken naar verdediging, dat de man van nature sofist blijft.

— «Lieve Elsje! bedenk hoe deze consideratie voor een voorname vrouw als Lucia veel belangrijker is als de opoffering voor ons. Bedenk welk een verdriet ik haar aandoe, bedenk hoe weinig vrouwen dit hun mannen zoo edelmoedig zouden vergeven, bedenk dat ik toch verplicht ben, door al mijn verleden, voor haar en mijn kinderen te zorgen. Schande is een heel erg ding voor hen, iets veel ergers dan jij misschien begrijpen kunt.»

— «Ik vind dit juist schande,» zei Elsje, onlogisch maar raak, «een leugen voor de wereld te willen volhouden.»

— «Bedenk dan Elsje, wat het voor mij zou beteekenen. Ik zou mijn kinderen [ niet terugzien. Ze zouden me niet willen kennen. Ik zou hen vreeselijk verdriet doen, en ik hou zeer veel van hen.» 7

— «Zouden ze 't geen van allen willen begrijpen en vergeven?» vroeg Elsje.

— «Geen van allen, vrees ik. Al ware 't enkel om hun [moeder, die ze aanbidden. En denk dat ik zelf, behalve mijn kinderen, ook [mijn positie zou verliezen. Mijn vrouw.... ik bedoel Lucia is rijk, maar ik niet....»

Sluiten