is toegevoegd aan uw favorieten.

De nachtbruid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— «Dat wil ik wel. Maar zie je, ik weet dat je een voornaam man bent, van hooge afkomst.»

— «Dat beteekent niets, Elsje, — daar ben ik niet zoo trotsch op.»

Ik jokte, maar ze verstond me.

— «Neen, je bent niet trotsch, maar je hebt toch zekerheid. Die heb ik niet. Weet je hoe ik aan mijn naam kom?»

— «Nu?»

— «Ze hebben me van Vianen genoemd, omdat ik bij Vianen gevonden ben. Ik heb geen ouders.»

Ze zei het diep beschroomd en beschaamd. En ik lachte in mijn hart, omdat ze zich nu toch óók bevreesd toonde voor stem der kudde, en dat ze als een schandmerk voelde, wat mij juist als een aureool van romantiek had verheugd.

— «O is 't anders niet!» riep ik «dat wist ik al. De gansche week heb ik om dat arme lieve kindje gedacht, zooals het door een wanhopige moeder schreiend in 't gras werd neergelegd. Het zal een koningskindje zijn geweest, Elsje!» —

Elsje lachte, getroost en gelukkig.

— «Ze hebben mij Mennist laten worden. Niet Jan Baars, maar zijn zuster, waar ik als kind aan huis genomen ben.»

— «Ah! — Mennist!» zei ik. Ik had niet het