Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verontschuldigen, daarbij het voorbeeld van Seneca den wijsgeer aanhalend.

Ik bezocht hem zoodra ik hem in New-York wist, en werd zeer hartelijk ontvangen.

Elkinson had een grooten, beenigen kop op een stoer, mager lichaam. Hij was nog geen zestig jaar, en zijn gladgeschoren gelaat had een jeugdig-frisschen, blozenden tint. Zijn haar was spierwit, maar nog dik en vol, in 't midden gescheiden en keurig gekapt. Zijn sterk gemarkeerde jukbeenderen, stevige kaken en groote kin gaven hem een expressie van wilskracht en energie, de dunlippige breede mond en klare, grijze vaste oogen imponeerden en teekenden den man die zich niet liet beetnemen of van zijn stuk brengen, in zijn blik tintelde bij de minste aanleiding een fijne schalksheid, teeken van de algemeene Amerikaansche neiging tot spot en grappen.

— «Dat is heel vriendelijk van u, beste graaf Muralto, heel vriendelijk mij weer eens te bezoeken. Komt u weer in functie te Washington? En hoe varen mevrouw en de kinderen?»

— «Geef u toch niet die moeite, mijnheer Elkinson, om mijn titel te gebruiken. Dat moet pijnlijk zijn voor uw democratisch gemoed.»

De spotzieke oogen tintelden, als vergenoegd dat er geschertst kon worden.

Sluiten