is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hier de meest algemeene uiteenzetting van het evangelie van Paulus; hij wil het bandelooze Heidendom en het wettische Jodendom tot een hoogeren vorm van godsdienstig leven opheffen en samenbrengen in het evangelie, hetwelk rechtvaardigt en behoudt, opdat, gelijk het Christendom voorliet Jodendom en Heidendom in de plaats komt (H. 1—8), de kerk de heidensche en de joodsche wereld in zich vereenige (H. 9—11)." Het prophylaktisch doel, hetwelk Philippi vroeger aannam, komt dan pas in de tweede plaats in aanmerking.

Ook Reuss heeft zich (Les Epitres pauliniennes, 1878) van Baur losgemaakt Het ontbreken van alle polemiek zal bewijzen, dat de brief niet voor een bepaalde gemeente maar voor een idealen kring van lezers, voor de geheele kerk bestemd was. De behoeften van alle christelijke gemeenten waren toch in den grond der zaak dezelfde. De apostel adresseert zijn brief alleen naar Rome, omdat van hier het licht over het Westen zal opgaan.

Renan (Saint Paul, 1869) verklaart het schrijven van den brief uit de beteekenis van de gemeente te Rome en het verlangen van den apostel om haar een bewijs van sympathie te geven. Van een korten rusttijd maakte Paulus gebruik om een soort resumé van zijn theologische leer te geven. Hij zond dit resumé niet alleen aan de gemeente te Rome, maar ook aan andere gemeenten (waarschijnlijk naar Efeze, Thessalonika en nog een derde). De discipelen van den apostel brachten deze afschriften in orde. Deze opvatting van Renan berust geheel en al op zijne twijfelachtige kritische resultaten in zake Rom. 15, 16. Zie ook Godg. Bijdr. 1870, 275 v.

Farrar combineert de hypothese van Reuss met die van Renan. De vele afschriften waren voor de kerk in het algemeen bestemd.

Dat de brief voor andere gemeenten bestemd was, wordt mede aangenomen door Hort (Prolegomena to St. Paul's epistles to the Romans and the Ephesians, London, 1895). Hij meent dat Paulus, in geval deze zijn voorgenomen be-

Godet Jonkkr, Romeinen. 4