is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoon Gods verklaard ia naar den Geest der heiligheid door de opstanding der dooden, Jezus Christus onzen Heer".

De eerste woorden „aangaande zijnen Zoon" zijn grammatikaal niet afhankelijk van evxyyiKiov (vs. 1), dat nooit met Tepi c. gen. verbonden wordt, maar van TrposTr^yysi^xTo. Het art. toïï wijst dezen Zoon als den eenigen Zoon aan; niets verraadt de bedoeling, welke Oltramare hier vindt, om aldus dezen Zoon te onderscheiden van andere personen, die denzelfden titel gedragen hadden. Het art. drukt' hetzelfde begrip uit als het epitheton novoyevvn (eenige Zoon) bij Joh. (1:18; 3:16). De verwijzing naar de profetische beloften zou ons er toe kunnen brengen, het woord ulit op te vatten in den zin van „Messias", „theocratisch Koning", maar zonder te willen ontkennen, dat het woord in deze beteekenis in het N. T. voorkomt, blijkt toch uit andere uitspraken van Paulus in dezen brief (8:3, 32; zie ook Gal. 4:4), dat dit hier het geval niet is. Paulus kon immers niet zeggen: die zijn eigen Messias (zijn eigen Koning) niet gespaard heeft! Het woord „Zoon" duidt een bepaalde verhouding tot God als Vader aan. Niet alleen een zedelijke volmaaktheid, een innige liefdesgemeenschap. Ook zonder de zedelijke beteekenis van de uitdrukking „Zoon Gods" te loochenen, geven wij Oltramare niet toe, dat het een dogmatisch vooroordeel is, in deze uitdrukking een aanduiding te willen zien van een bovennatuurlijke wezenseenheid van Jezus Christus en God. Vergelijk eens Gal. 4:4: Toen de volheid des tijds gekomen was, heeft God zijnen Zoon uitgezonden (s^xvéirTsiXsv). Zonder de gedachte aan een Goddelijke praeëxistentie kan deze uitspraak niet wel begrepen worden. Zie ook Rom. 8:3. Bovendien wordt deze gedachte herhaald in 1 Kor. 8:6, waar Paulus zegt, dat door Jezus Christus alles is (5/' oS rx k&vtx). In Fil. 2:5, 6 spreekt Paulus van hem, die in de gestalte Gods was, en de gestalte van een dienstknecht aannam, daar hij aan de menschen gelijk werd.