is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verband houden met de werkelijke bedoeling van het adres. Paulus heeft geen andere bedoeling dan zijn brief te legitimeeren door zijn apostelschap onder de Heidenen. Daartoe doet hij de tegenstelling uitkomen tusschen den aardschen en den verheerlijkten staat van Christus, om uit den tweeden den oorsprong van dit buitengewone apostolaat af te leiden, daar het de opgestane Heer was, die aan het apostelschap, hetwelk hij gedurende zijn aardsche leven had ingesteld, het apostolaat van Paulus onder de Heidenen had toegevoegd.

Jezus is vóór alles geweest, wat hij zijn moest, de aan de Joden beloofde Messias; en deze waardigheid sloot de afstamming van David in zich. Wanneer men yevopévou met een beroep op Gal. 4 : 4 (yivófievov sk yuvxikós) door „geboren" vertaalt, ziet men voorbij, dat de parallel yevópevcv urrh vó/iov deze vertaling niet aanbeveelt. Het duidt in het algemeen de herkomst aan (vgl. 2 Tim. 1:17), hier natuurlijk door middel van geboorte. Bij de letterlijke vertaling „geworden" komt ook de tegenstelling uit, welke er in dit woord ligt in verband met het voorafgaande „Zoon Gods": aangaande den Zoon Gods, geworden (in tegenstelling met zijn wezen) lid van Davids geslacht; vgl. Fil. 2: 6 v. Door de bijvoeging kxtx trxpxx wordt de davidische afstamming van Jezus beperkt tot die zijde van zijn persoon, waaraan zij alleen kan worden toegekend. Het woord o&pl- beteekent eigenlijk de weeke deelen van het lichaam in tegenstelling' met de beenderen (Gen. 2 : 23) of met het bloed (Joh. 6 :56). Uit deze letterlijke en beperkte beteekenis vloeit een meer algemeene voort, waarin het woord „vleesch" het geheele lichaam aanduidt, niet naar zijn organischen vorm (trüf*,x), maar naar zijn materieele substantie (1 Kor. 15:39). Eindelijk wordt het gezegd van den geheelen mensch (lichaam en ziel), in tegenstelling met God, den almachtigen Schepper; zoo in het O. T. Ps. 65:3; vgl. Jes. 31 :3; en in het N. T. Kom 3:20. De eerste der drie beteekenissen past hier niet; de tweede evenmin, want er zou uit volgen, dat Jezus van David slechts het physische en niet het psychische leven (verstand, gevoel, wil) geërfd had. Het zou de volkomen