is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hun Christus. De oudere „leerlingen" daarentegen hielden zich vooral bezig met al wat Jezus betrof, erkenden hem voor den Messias en noemden hem mitsdien Jezus den Christus of ook wel den Heer Jezus. Voor zoover zij zich bij de Paulinisten aansloten of hun denkbeelden, deels onveranderd, deels gewijzigd in zich opnamen, spraken zij bij voorkeur van „Jezus Christus" of van „Jezus Christus onzen Heer , zonder daarom de uitdrukkingen Jezus en Jezus de Christus geheel los te laten, of overal voor het meer oorspronkelijk Paulinische Christus en Christus Jezus te schrijven: Jezus Christus." Alles goed en wel, zeggen wij met Prof. Cramer J), maar waar is het bewijs? Zie Cramer's uitvoerige wederlegging t. a. p. Wie gelooft, dat Paulus niet door Jezus in zijn aardsche verschijning, maar door Jezus in zijn Christusheerschappij tot het geloof gebracht is, kan den bovennatuurlijken Christus van den gnosticus missen en wordt niet geërgerd door het feit, dat dezelfde persoon, naar gelang de historische verschijning of de Christus-waardigheid op den voorgrond treedt, Jezus Christus of Christus Jezus wordt genoemd.

Verband tusschen deze verzen en de bovennatuurlijke ontvangenis. *)

Wordt de bovennatuurlijke ontvangenis door deze verzen ondersteld of uitgesloten? Men heeft beide gevoelens verdedigd. De menschelijke (davidische) natuur van Jezus wordt uitdrukkelijk in vs. 3 geleerd. Deze menschelijke natuur kan zijn deel geworden zijn door Jozef en Maria of door Mana alleen. In het eerste geval zou Paulus in strijd komen met al die plaatsen, waarin hij de overerving der zonde aan de natuurlijke voortplanting toeschrijft (5 : 12; Ef. 2: 3 enz.). Ons rest dus niets anders dan de tweede mogelijkheid, die der bovennatuurlijke ontvangenis. Deze oplossing is te waar-

1) Exsgetica et Critica III, 31 y. (N. Btfdr. VIII, le stak).

i) Men kan hier ook vergelijken Kleinschmidt, Der Brief an die Romer erl&utert, 1888. '

Gomt/Jonkie, Romeinen. B