is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn verijdeld in hunne overleggingen en hun onverstandig hart is verduisterd."

„Aangezien" *) slaat terug op „niet te verontschuldigen". Het drukt andermaal het gevoel van verontwaardiging uit, hetwelk Paulus sv ccSikix (vs. 18) inde pen had gegeven: „Ja,

niet te verontschuldigen, omdat — Hoe kan de

apostel van de Heidenen zeggen, dat zij God hebben gekend? Geldt het hier alleen de mogelijkheid ? Het woord laat het niet toe, en vs. 19 leerde, dat het licht werkelijk in hen was [Qxvcpov sTTiv). Het heidendom getuigt tegen zichzelf; de verschillende eerediensten bewijzen reeds door hun bestaan, dat de menschelijke geest de idee van God werkelijk gegrepen had. De zaak was deze. De natuurlijke kennisse Gods is niet van passief actief geworden. De mensch heeft er zich toe bepaald, de van God gegeven openbaring te ontvangen; maar hij heeft zich niet beijverd ze te bewaren, ze zelfstandig te verwerken en te ontwikkelen. Dan zou hij gekomen zijn van licht tot licht; dat ware de koninklijke weg geweest, die der wijsheid, waarvan Paulus 1 Kor. 1 : 21 spreekt. In plaats daarvan heeft de Heiden het licht, dat in hem was, uitgedoofd, verstand en hart aan den invloed er van onttrokken. De schrijver volgt de ontwikkeling van deze eerste ontrouw in twee richtingen, de [intellectueele en de moreele. — De hulde en de dank aan de goden ontbraken in het heidendom stellig niet; daarom heeft de apostel aau „zij hebben hem niet verheerlijkt" toegevoegd „als God . De edele taak van den menschelijken geest zou geweest zijn, zich op grond van de aanschouwing van het werk een levend beeld van den Goddelijken Werkmeester te maken, dat Hoogste Wezen te versieren met al de volkomenheden, van welke de schepping getuigt, en Hem, die Zich zoo volheerlijk naar buiten als God openbaarde, ook in het gemoed als God te verheerlijken. — En wanneer de

*1) Van Manen zegt hiep (t. a. p. bl. fl) van den omwerker: „zijn inlassching brengt hem een weinig in de war".