Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het monotheïsme te zijn, is het polytheïsme integendeel de vrucht van een ontaarding, een afval van het oorspronkelijke monotheïsme, een verduistering van verstand en hart, die in den ruwsten fetischdienst eindigde. De studie van de geschiedenis der godsdiensten bevestigt de opvatting van den apostel ten volle. Zij leert ons, dat de Heidenen in Indië en Afrika niet uit zichzelf tot een hoogere godsdienstige ontwikkeling opklimmen, maar, omgekeerd, sinds eeuwen in achteruitgaanden toestand verkeeren. Zij leert ons, dat aan alle godsdiensten en heidensche mythologieën een oorspronkelijk monotheïsme ten grondslag ligt, het uitgangspunt van den tegenwoordigen godsdienstigen staat der menschheid. i)

Men heeft beweerd, dat dit betoog herinnert aan dat in het Boek der Wijsheid (zie b.v. XIII: 1—8; XIV: 11—20). Maar welk een verschil tusschen de triviale en oppervlakkige verklaring van de afgoderij bij den alexandrijnschen schrijver en de diepe psychologische analyse van Paulus! De vergelijking doet juist het verschil uitkomen! De eene schrijver is kennelijk van boven verlicht; de andere is een gewone Jood, die bij eigen licht de geschiedenis van de afgoderij zoekt te reconstrueeren. 2)

Ten slotte nog een woord over de schijnbare tegenspraak tusschen de verklaring van den oorsprong des heidendoms, hier en in 1 Kor. 10:20. Van duivelschen invloed is in den brief aan de Romeinen geen sprake. Maar dezelfde schrijver mocht toch hetzelfde verschijnsel wel onder twee verschillende en tevens ware gezichtspunten voorstellen.

Ys. 24—32: De openbaring van den toorn Gods

over de zonde der menschheid.

Ys. 24, 25: „Daarom heeft God hen ook 3), in de begeerlijkheden hunner harten, overgegeven aan

1) Zie de verhandeling van Pfleiderer, Jahrbüeher f. prot. Theol. 1867.

2) Vgl. Sanday—Headlam, p. 51, 82.

3) N AB C laten kcci na Sm weg, dat in tien test. ree. DEGILP en de meeate min. gevonden wordt.

Sluiten