Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i//.olaii Sé een klimax bevat, alsof de vernedering des mans door den man nog verder ging dan de vernedering der vrouw door de vrouw. — In tSei, eigenlijk „dat moest", voelt men het trillen van den heiligen toorn niet alleen bij den apostel maar ook bij God. De gerechtigheid liet het niet anders toe! De afdwaling, nhxvy, is niet de dwaling, dat zij in zulke schandelijke dingen hun bevrediging zochten (Hofmann, Oltramare e. a.), maar volgens Weiss, Lipsius e. a. de vrijwillige leugen van den afgodendienst (vs. 21—23), de onderdrukking der waarheid (vs. 18). Dat is inderdaad de grond van de xvti/mtSIx, de vreeselijke vergelding. Nog eenmaal laat de bepaling „aan zichzelven" het volle licht vallen op hun schande.

Het zedelijk gevoel berust bij den mensch op de idee van den heiligen God. Geeft men deze idee op, dan is ook het zedelijk gevoel verlamd. Wanneer de mensch God eert, wordt hijzelf geadeld; verwerpt hij God, dan moet hij noodwendig vallen. Zietdaar de beschouwing van den apostel over het verband tusschen het heidendom en het zedebederf der oude wereld. De „morale indépendante" is de zijne niet.

Ys. 28—32. In vs. 18 had Paulus twee oorzaken genoemd van den Goddelijken toorn over de menschheid: de goddeloosheid en de ongerechtigheid. De eerste beschrijft hij vs. 19—23, met hare straf (vs. 24—27), nu gaat hij over tot de tweede (28a, 32) en hare straf (28b—31). Evenals de afschuwelijke schaamteloosheid getuigt van den toorn Gods tegen de afgoderij («ué/3fix), zoo zijn het een aantal sociale misstanden, welke Zijn toorn tegen de ongerechtigheid (xSik'ix) der menschen openbaren.

Vs. 28: ,,En gelijk zij het versmaad hebben God in erkentenis te houden, zoo heeft God ') hen overgegeven aan een onverstandigen zin, om te doen hetgeen niet betaamt;"

De meest ingrijpende ongerechtigheid van den mensch was

1) NA laten hier o iee; weg.

Sluiten