Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verband, hetwelk er volgens Genesis tusschen de zoude en den dood bestaat. Het omgekeerde zou zijn, dat de menschen stierven terwijl er hierbij geen verband bestond tusschen de zonde en den dood. Oltramare neemt aan, dat het eene op het andere volgt, zonder dat er noodwendig verband bestaat. De dood van allen is onafhankelijk van de zonde en den dood van Adam. Er bestaat alleen verband tusschen des menschen dood en zijn eigen zonde. Maar hoe kan Oltramare er dan in den geest van Paulus bijvoegen: „de

zonde dringt door tot alle menschen ; alle menschen

zijn door één gemeenschappelijk beginsel, de zonde, vereenigd; de menschheid bevindt zich dus in een staat van verval"? Is dit alleen uit den invloed van het slechte voorbeeld te verklaren? In vs. 15, 17 zegt de apostel uitdrukkelijk , dat de dood geheerscht heeft door de overtreding van één mensch, en in 1 Kor. 15:22, dat zij allen in Adam sterven. Oltramare zal zulke uitdrukkingen nooit met zijn atomistische theorie kunnen vereenigen. Wat blijft er ook in dat geval van de parallel tusschen Adam en Christus over? De parallel werd vervangen door een antithese.

Sommige HSS. laten vóór üifrhv weg. Men kan

dan het werkw. onpersoonlijk nemen: „en het zoo tot allen is doorgegaan (dat de dood door de zonde gekomen is) , of, met Ewald het volgende tot onderwerp makende: „en het zoo tot allen is doorgegaan (de geest van opstand nl.), waardoor allen gezondigd hebben". Intusschen zijn deze constructies hoogst gewrongen. Volgens het vermoeden van Van Hengel kan öxvxros zijn weggelaten, omdat men dit geheele vers in verband bracht met den oorsprong der zonde. Men maakte dan van „en door de zonde de dood" een tusschenzin; xpxprtx werd zoo ook het onderwerp van hetgeen op

den tusschenzin volgde.

De woorden „naardien allen gezondigd hebben" l) vormen de voortzetting van de verklaring, hoe de dood, de straf der

1) Volgens Straatman een interpretaraentura van zeer onbevoegde hand: vgl. Baljon (t. a. p. bl. 10, 11).

Sluiten