is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En hoe rechtvaardigt de apostel deze veel grootere zekerheid? Door te wijzen op de werkende oorzaken eenerzijds bij Adam, anderzijds bij Christus. Daar een overtreding, waarop de straf volgde; hier de vrije uitstorting van een dubbele genade, de genade Gods en de genade van Jezus Christus. 'Ev %xpm is bepaling van Saps*. Fritzsche en Meyer verbinden het met het werkwoord „is overvloedig geweest door de genade van Jezus Christus", waardoor het dan tegenover „door de overtreding van één" komt te staan. Maar dan weet men met Svpex geen weg. Bovendien ziet men de opzettelijke wijziging der constructie over het hoofd, waardoor het subj. van den eersten zin (de velen) in den tweeden zin de bepaling wordt, en omgekeerd de bepaling van den eersten zin (door de overtreding van één) met het subj. van den tweeden zin overeenkomt. Het geschiedde om den rijkdom van de twee factoren, welke bij het heil van Christus werkzaam waren, te doen uitkomen. — Het ontbreken van liet art. tusschen 2upsx en h %xpiTi is te verklaren uit het nauwe verband van de twee subst. „een gave (bestaande) in genade"; liefde, liefde gevende; een vader, een broeder zendende. — Deze gedachte van „broeder" ligt in „van één mensch'. God geeft ons het heil niet in den vorm van een idee of van een dogma; een levend wezen wordt uit liefde lid van ons geslacht, om in zijn persoon dat geslacht op te heffen (vgl. 1 Tim. 2:5 en 1 Kor. 15: 21). Evenals xvópuvcv met óeoü correspondeert, heeft toïi svó: tot zijn antithese ck rob; ttoï.\ov;. Aan beide zijden beslist één over het lot van de ve]en. — Eindelijk wordt de antitype van Adam genoemd. Welk een indruk moet Jezus op zijne tijdgenooten gemaakt hebben, dat hij, de gekruisigde, een paar decenniën na zijn dood, als tegenhanger van den vader der menschheid kon worden beschouwd!

Tengevolge van veel grootere kracht aan de zijde van Christus is ook het resultaat overvloedig: èirepi<r>rii)7£v, de verleden tijd, omdat er sprake is van hetgeen beschreven werd H. 3 : 21—5 : 11 , vooral H. 3 : 24—26. Eit t ttoxicv:, over de velen, wil niet zeggen, dat het heil van