is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de zonde heerschappij uitoefende. Het ligt echter meer voor de hand, het als het terrein van de heerschappij der zonde te beschouwen: heerschen in. - Waarom het adj. Swy bij «fcon? Calvijn vindt hier minachting voor het lichaam, Philippi: het verderfelijk karakter van de zonde, zooals die openbaar wordt in het dooden van het lichaam; Flatt: den voorbijgaanden aard der zinnelijke geneugten; Chrysostomus en Grotius: den korten duur van de moeiten des levens; Tholuck: de onafscheidelijkheid van de booze begeerlijkheden en den tegenwoordigen toestand van het lichaam; Lange en Schaff: de tegenstelling tusschen den tegenwoordigen toestand van het lichaam en zijn toekomstige verheerlijking, die dooi de heiliging wordt voorbereid. Eenvoudiger is misschien deze opvatting: niet het deel, hetwelk bestemd is om te sterven, mag den mensch beheerschen; die heerschappij komt toe aan het hoogere leven in hem, hetwelk hem geheel doordringen, zelfs het lichaam, hetwelk spoedig tot stof overgaa , aan zich onderwerpen moet. Hofmann meent, at au us hier wil doen uitkomen, hoe dwaas het van den geloovige is, zich in den dood, welke het lichaam wacht te laten meeslepen, terwijl hij een leven bezit, hetwelk zich zelfs aan dat sterfelijke lichaam kan mededeelen. Dit komt vrij wel op hetzelfde neer. — De lezing: „oin haar (de zonde) e gehoorzamen in zijne (van het lichaam) begeerlijkheden verdient geen aanbeveling. „Om haar te gehoorzamen zonder meer, zou een tautologie geven met het begin van het veis. Beter is: „om aan zijne begeerlijkheden te gehoorzamen . Uit deze lezing kunnen de andere gemakkelijk zijn ontstaan. Men meende, dat aan de heerscheres van het begin van het vers ook de gehoorzaamheid toekwam, vandaar de bijvoeging: xirv en tengevolge daarvan: b (vóór Ixiluplcut). wel: men liet eenvoudig het slot weg, dat niet scheen overeen e komen met het begin. - De begeerlijkheden zijn de driften

en hartstochten (hiöupix van i'iri en öu.ms).

Vs 13 Na het lichaam in het algemeen worden meer in 't bijzonder de leden genoemd. Philippi, die met Calvijn in vs. 12 onder „lichaam" lichaam en ziel verstond (voor zoover