is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lieeten), en hier ongeveer hetzelfde zeggen wil als tiAflf. Rom. 7 :5 spreekt echter van xx/nrotpopyrxi tü óxvxrcfi. Bovendien'onderscheidt Paulus, na van meester, dienstknecht, werk en dienst van den meester gesproken te hebben, de vrucht van dat werk (het onmiddellijke gevolg der werkzaamheid) en zijn einde (het loon uit de hand van den heer). Met de onderstelling, dat het verzwegen antwoord „een treurige vrucht" zou zijn, ontstaat een vrij belangrijke uitlating. Ook hierom ligt het voor de hand, de vraag m vs 21» niet te laten doorloopen.

Het schandelijke karakter van de dingen, die de vrucht waren van het dienen der zonde, blijkt (y«p, vs. 21b) uit hun einde. Mév na ri schijnt echt te zijn; de bijvoeging is moeielijk, de weglating gemakkelijk te verklaren. ^ Het is het zoogenaamde pi» solitarium, waaraan geen lé beantwoordt, en dat dienen moet om nadruk op iets te leggen; wij kunnen het door ons „wel" vertalen, dat dan zooveel als waarlijk" beteekent. „Dood" staat hier van den geheelen toestand des oordeels (den physischen dood ingesloten), de xxuKux, de tegenstelling van xi&vio; (vs. 22).')

Vs. 22: „Maar nu, van de zonde vrij- en Gode dienstbaar gemaakt, hebt gij uwe vracht tot heiliging, en als het einde het eeuwige leven."

De eerste woorden correspondeeren met vs. 20. Alleen met dit verschil, dat „God" komt in de plaats van „de gerechtigheid." De vrucht leidt tot heiliging: door de goede daden wordt men geheiligd. Het onderscheid tusschen de vrucht en het einde wijst er op, dat wij aan „heiliging en niet aan „heiligheid" hebben te denken; anders zou de vrucht hetzelfde zijn als het einde. Het eeuwige leven omvat met de heiliging ook de heerlijkheid, de onvergankelijke zaligheid, de volmaakte werkzaamheid.

1) W. Schmidt denkt hier en ia vs. J3 alleen aan den geestelijken dood.