is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is. Kennelijk moet het beeld van het huwelijk hier worden losgelaten; ook vs. 5 heeft het niet.

Hofmann en Schott laten Ivx afhangen van tü ix vsxpüv lyepiivrt. Echter is het niet de opstauding van Christus, maar de vereeniging van den geloovige met den opgestanen Heer, waaruit de goede werken voortkomen. De overgang van den tweeden persoon (w, tot den eersten

(Kaproiptrfrtintv) is gemakkelijk te verklaren, vooral na „broeders" (vs. 1, 4). Vele uitleggers meenen, dat Paulus den tweeden persoon gebruikt, omdat hij zich tot de Christenen uit de Joden richt, en dat hij met den eersten persoon weder uit naam van alle Christenen spreekt. Echter was Paulus zelf een Jood; hij had dus tot de Joden-Christenen in den eersten, tot de Heiden-Christenen in den tweeden persoon moeten spreken (vgl. Gal. 3:13, 14).

Mangold beroept zich vooral op dit 4e vers ten bewijze, dat de gemeente te Rome grootendeels bestond uit voormalige Joden, daar men van de voormalige Heidenen niet kon zeggen, dat zij der wet gedood waren: zie ook vs. 6! Waarom niet? De valsche broeders van Gal. 2 : 4 wilden den Heidenen de wet opleggen. Zoowel bij Heiden als Jood heeft de dood van Christus aan de heerschappij der wet een einde gemaakt.

De geloovige heeft dus wettiglijk met de wet gebroken. Welke gezegende gevolgen dit heeft, blijkt uit het volgende, de ontwikkeling van het slot van vs. 4. Maar eerst vermeldt Paulus nog de slechte vruchten van het leven onder de wet:

Ys. 5: „Want toeu wij in het vleesch waren, werkten de lusten der zonden, door de wet opgewekt, in onze leden om den dood vrucht te dragen;

„Want" behoort bij vs. 5, 6. „Zijn in het vleesch" is niet hetzelfde als „zijn in het lichaam . Het vleesch is het