is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verbindt tv 'exuroTi met i%ovre;. Dat wij den Geest in ons hebben, kan echter een vrij overbodige verzekering worden genoemd. Wij zuchten in ons zeiven, in stilte, in diep verlangen , ook wanneer het voor de anderen verborgen blijft. — De geloovigen zijn zonen Gods (Gal. 4:6; vgl. ook vs. 14—16 van ons hoofdstuk). Toch zullen zij, aan den anderen kant, eerst dan zonen Gods zijn, wanneer de heerlijkheid zich aan de heiligheid paart (vgl. Roin. 1:3, 4). — Dan zullen zij niet van het lichaam verlost worden (Reuss, Oltramare; vgl. echter Fil. 3:21), maar zal het lichaam, van de tegen woorwoordige ellenden bevrijd, een verheerlijkt lichaam zijn (zie 2 Kor. 5:4). — De volgende verzen geven de verklaring van ons zuchten.

Ys. 24, 25: „Want in de hoop zijn wij behouden; maar een hoop, die gezien wordt, is geen hoop, want wat iemand ziet, waarom zal hij het nog hopen J)? 25 Maar indien wij hopen wat wij niet zien, zoo wachten wij er op met volharding."

Tj? s'att/S/, met nadruk vooropstaande, is een dativus modi (in den vorm van de hoop). Zijn wij behouden (Jaüêvn/.iv), wij zijn het, omdat wij hebben leeren hopen (vgl. 1 Kor. 15: 19). De hoop is een van de constitueerende elementen van het christelijk leven (1 Kor. 13: 13).2) Dit mag niet ontkend worden (vgl. 1 Kor. 15 en 2 Tim. 2: 18).

In de uitdrukking ix«■/? évy beteekeut Jatt*?: dat,

wat men hoopt (zie Kol. 1:5); daarna heeft het weder de gewone beteekenis. De weglating van tI na r/? en van xxi is gemakkelijk te verklaren. In hoofdzaak is het verschil der lezingen vrij onbelangrijk. Kal verklaart het hopen op iets, dat men ziet, voor nutteloos.

In vs. 25 wijst Si een tegenstelling aan. De nadruk valt

1) Text. ree. leest met ACKLP: rt kxi\ D F G It., Syr.: ri (zonder xai); K laat ri, B ti ttm weg. N A hebben virontvet in plaats van

2) Vgl. Revue de Theologie et de Philosophie, 1886.

2b*