is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

prediking van het evangelie aan de Heidenen zouden verzet hebben, wanneer zij de universeele bestemming ^ van het messiaansche heil hadden begrepen (vgl. 1 Thess. 2 : 15, 16). Het is moeielijk uit te maken, of wij hier telkens een futurum dan wel een conj. hebben te lezen; het eerste schijnt het natuurlijkst, hoewel ook de conj. kan verdedigd worden. — Hofmann, Weiss nemen ou plaatselijk: „waar . Weiss zelf stemt toe, dat de constructie, die wij blijkens onze vertaling volgen, niet zonder voorbeeld en analogie is. In vs. 15 wordt de zending bedoeld, die van den Heer zeiven uitgaat. Paulus ziet als het ware Jezus' gezanten de wereld doorgaan. Het citaat is ontleend aan Jes. 52:7 (vgl. Nahum 1: 15). De woorden rüv eï/x^ye^ofzévuv eipww zullen bij vergissing zijn weggelaten; minder waarschijnlijk is, dat men ze heeft bijgevoegd; dan zou de Sept. zeker getrouwer gevolgd zijn (vgl. (ipiw.v in plaats van &mv e'ipyivw)- Paulus sluit zich in de eerste woorden meer aan den hebr. tekst aan (de Sept. heeft: ei; upx eV/ rüv êpiccu); hij laat „op de bergen" weg, terwijl hij in plaats van „die verkondigt" het meervoud heeft. Vrede wordt verkondigd, vgl. Ef. 2:17. Het goede: de bekende goede dingen, die het geluk van den messiaanschen tijd uitmaken. T« vóór iy*6x kan om de Sept. zijn weggelaten.

Vs. 16, 17: „Maar niet allen hebben het evangelie gehoorzaamd; want Jesaja zegt: Heer, wie heeft onze prediking geloofd ? 17 Zoo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor is door het woord Gods 1)."

„Maar" duidt een sterke tegenstelling aan. Op de algemeene verkondiging had een algemeen geloof moeten volgen. Dit is helaas niet geschied. Overal in de wereld zijn de meeste

1) Text. ree. AKLP Syr.: «»»; NBCDE: Xpitrrov ; F G laten iedere bepaling weg. Bouaset (Theol. Literatnrzeitung 1894, 654) stelt de laatste handschriften in 't gelijk.