is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Augustinus, Chrysostomus, Luther, Calvijn hebben gemeend , dat hier slechts van een deel, het uitverkoren deel, van het volk sprake is. Maar het volk als volk is te voron gekend; in vs. 28 wordt toch ook klaarblijkelijk over het gansche volk gesproken. Dit vers verduidelijkt npoéyvu van H. 8 :29. Ten onrechte denken Van Hengel en Weiss aan een voorwetenschap van Israël's tegenstand, zoodat God het volk zou verkoren hebben, hoewel Hij al de zonden van het volk te voren wist. — Of weet gij niet? beteekent: Of, als gij

het tegendeel volhoudt, vergeet gij ? 'Ev 'H*/«: in de

plaats der Schrift, die over Elia handelt. Dergelijke citaten zijn niet zeldzaam in het N. T. (Mark. 12 : 26), noch bij de rabbijnen (vgl. Delitzsch S. 12). „Optreden tegen", een vreemde uitdrukking. De profeet beklaagt zich bij God over Zijn volk, vgl. 1 Kon. 19: 10, 14, 18.

Vs. 3. Bij de vergelijking van het citaat met den hebr. tekst blijkt, dat de beide eerste deelen van den zin omgezet zijn. Weiss meent, dat zulks is geschied om vvs^eiCp^v van xxéKTeivxv te scheiden, en aldus de aanhaling meer geschikt te maken voor het doel, hetwelk Paulus er mede beoogt. Volgens Meyer beteekent „alleen" in den mond van Elia: „alleen van al de profeten", terwijl het bij Paulus zal beteekenen: „alleen onder de geloovigen"; men vergete echter niet, rekening te houden met de moedeloosheid van Elia.

Vs. 4, 5: „Maar wat zegt de godspraak tot hem? Ik heb Mij zeven duizend mannen overgehouden, die de knie voor Baal niet hebben gebogen. 5 Zoo is er dan ook in den tegenwoordigen tijd een overblgfsel naar de verkiezing der genade."

XpyiUXTivpós: de leiding van een zaak; vandaar: de beslissing van het gezag; verder: een Goddelijke verklaring, een orakel (Matth. 2:12). — Het „overhouden" ziet natuurlijk niet op een tijdelijke, maar op een geestelijke bewaring; zie KXTxteiwx van H. 9 : 27. De aanhaling is vrij. Hofmann