Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een brief aan geloovigen, wonende in het middelpunt van het keizerrijk, over hunne burgerlijke verplichtingen schrijft, was met het oog op de komende conflicten niet meer dan natuurlijk. Weizsücker maakt uit de vermaning van Paulus op, dat er nog geen vervolging was geweest, waartegen moet ingebracht worden, dat de apostel de kwestie principieel behandelt en dat het beginsel voor den Christen onder alle omstandigheden hetzelfde bleef: zie Matth. 26 : 52; Openb. 13 en 10 en 1 Petr., vooral H. 2. Paulus had te veel tact om oproermaker te zijn; hij wilde, dat de naam Christen met eere gedragen werd, zegt Renan.

Vs. 1—7.

De apostel formuleert en motiveert den plicht van den Christen tegenover den staat (vs. 1). Wie zich aan deze zijne verplichting niet houdt, wordt gestraft, en met recht (VS. 2—4). Hieraan ontleent hij een algemeenen regel (vs. 5), welke op de bijzondere gevallen van het sociale leven wordt toegepast (vs. 6, 7).

Vs. 1'. „Alle ziel onderwerpe zich aan de hoogere machten; want er is geen macht dan van ') God, en die 2) er zijn, zijn door God verordend;"

Waarom zegt de apostel „alle ziel" en niet alle geloovigen? Volgens Weiss om aan te duiden, dat hij van de plichten van het gemeenschapsleven tot de persoonlijke verplichtingen overgaat. Zie echter hierboven. Omdat de onderwerping van het binnenste van den mensch (het geweten, vs. 5) moet uitgaan? Echter past rx<rx bij deze verklaring niet. Meer voor de hand ligt, dat Paulus een plicht van het psychische leven in het oog heeft, niet slechts bij de geloovigen, maar

1) Teit. rec.DIFO:««Ji™i»ABtP min.: </*» ««».

») Text. ree. ELI': .(.««««, d.t door «ABDFfl wordt weggelaten.

Sluiten