is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

afgeleid; misschien iu opzettelijke tegenstelling hiermede: KOTrtüaus. Yltpvi;: een Perzische; men noemde de vreemdelingen dikwijls naar hun vaderland. Meyer merkt op, hoe fijn Paulus hier pov na (vgl. vs. 8, 9) weglaat. Zij

kan een oude vrouw geweest zijn.

Ys. 13: „Groet Rufus, den uitverkorene in den Heer, en zijn moeder, die ook de mijne is."

Rufus heet „uitverkoren", niet in denzelfden zin als ieder geloovige, ook niet omdat hij de uitverkorene van Paulus was, want dan had pou niet mogen ontbreken, maar omdat hij zich in het eene of andere onderscheidde. De apostel schijnt in het huisgezin van Rufus' moeder te hebben verkeerd. Markus, die zijn evangelie te Rome schrijft, noemt (H. 15:21) Simon van Cyrene den vader van Alexander en Rufus. Wordt daar misschien dezelfde Rufus bedoeld? Is Simon in dit geval met zijn huisgezin naar Rome vertrokken en heeft zijn zoon Rufus een aanzienlijke plaats in die gemeente ingenomen? Wij zouden dan hier een bewijs hebben, dat de lijst voor Rome bestemd was. Of is Paulus, toen hij als jongeling te Jeruzalem verkeerde, met hen in aanraking gekomen, en is toen de moeder van Rufus als een moeder voor hem geweest?

Ys. 14, 15: «Groet Asyncritus, Flegon, Hermes, Patrobas, Hermas en de broeders, die met hen zijn. 15 Groet Filologus en Julia !), Nereus en zijn zuster en Olympas en alle heiligen, die met hen zgn."

Waarschijnlijk zijn de hier genoemden leiders van ixxK^trlxt kxt' oÏkov (vs. 5). Hermas was volgens Origenes de schrijver van den „Pastor van Hermas", maar dit geschrift dateert eerst uit de 2de helft van de 2de eeuw (Muratori). Julia was

1) CFG: lotmm iu plaats van lot/Aiccv.

39«