is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEENDER TIGSTE STUK.

H. 16:17—27.

Waarschuwing; opdracht; slot.

Waarschuwing tegen de joodsch-christelijke dwaalleeraars: vs. 17—20.

Deze waarschuwing volgt op het vorige evenals 1 Kor. 16 : 22 volgt op 19—21. Te Korinthe echter was het gevaar x-eeds aanwezig, hier was het alleen dreigend. Vandaar het verschil in toon: jegens Korinthe bestraffend, jegens Rome eenvoudig waarschuwend. — Renan, Weizsacker, Schultz, Farrar, Weiss meenen, dat Paulus zoo alleen kon schrijven aan een gemeente, door hemzelven gesticht. Weiss legt den nadruk op de kortheid der waarschuwing, die anders noodzakelijk breeder had moeten zijn. Intusschen is de geheele brief als kommentaar van deze verzen te beschouwen. Daarom kon de apostel volstaan met een enkel woord aan het slot.

Ys. 17, 18: „Doch ik vermaan u, broeders! acht te geven op hen, die tweedracht en ergernis verwekken tegen de leer, die gij geleerd hebt, en ontwijkt hen 1). 18 Want de zoodanigen dienen niet onzen Heer Christus, maar hun eigen buik, en met hunne schoone woorden en zegeningen 2) verleiden zij de harten der eenvoudigen."

De apostel had in H. 14, 15 geschreven over de verdeeldheid in den boezem der gemeente van Rome. Hier denkt

1) Voor de curiositeit wijzen wij hier op: Korte Verklaeringhe over de Teiten Kom. 16 vers 16 ende 17 enz. Gedruckt tot Haerlcm, by Haas Pasachieia van Wesbuach. Voor Jan Albertaz Boeckrerkooper in de Nieustraat in 't vergulde A. B. C. tot Amatelredam. A° 1634. [Van P. V. K. (Pieter v. d. Kinderen?;]

2) D E F G It laten xui evAoyiai; weg.