Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze schonk meteen in, zonder antwoord af te wachten. Het bruine vocht dampte in blauwe kringelwasem omhoog.

Het kind hield de betikte vinger pruilerig in den mond, stond nog aan tafel, glurend in begeerig bekijken naar het zilvergrijze geld, dat daar lag als een betoovering.

„Als je soms brood wilt, het staat daér!"

Hij knikte opnieuw, slurpte aan zijn koffie, keek ongezien even op, nu wel een weinig meer ontlaten.

In 't vertrek kledderde kleine bereddering : het vluggig beweeg van andere schoenen aanschuiven, rokken-gelijk-trekken, banden verstrikken.

„Kom Mies, gauw je hoed op! Zie zool"

Het kind stond al gereed, tuurde toch nog naar 't geld, tegelijk naar haar vader, die maar weinig zei, zich een tweede kop koffie inschonk, heel bedachtzaam, alsof zijn hersens er volop bij waren, terwijl de kop al bijna overvloeide.

„Hè, wat doe je nou toch ?"

Hij schrok op, slurpte voorzichtig de volle rand weg. De vrouw veegde nog

Sluiten