is toegevoegd aan uw favorieten.

Machteloozen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat de schroei-lucht hem in de keel vastkneep en hij zijn hoofd even moest keeren, om niet te hoesten.

In den halfdonkeren hoefstal, waar hij alleen werkte, sprankelden, spetterden de kleine vonkjes, rondom zijn handen, als gruis van goud.

Hij hamerde, hamerde, kneep af en klonk de nagels om, raspte bij, en ploeterde voort, nu bijna klaar.

De maats hadden hun jassen al aangeschoten, lieten het troebel koffiedik uit hun blikjes loopen, schreeuwden hem nog na, terwijl zij heengingen :

„Roelf, kom gauw hoor ! We wachten je ginds !"

Ze werkten van zeven uur 's morgens tot zeven uur 's avonds, met anderhalf uur schafttijd ertusschen, waarin ze brood aten of een kliekje wat ze 's morgens meebrachten, opgewarmd naar binnen speelden. 's Avonds moesten ze nog naar den Haag terug, wat van Scheveningen alwaar de stal was, een goeie driekwartier beliep.

Voor dien tijd namen ze meest een