is toegevoegd aan uw favorieten.

Machteloozen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voel, het besef te handelen tegen wat wel niet verboden was, maar toch ook niet rechtstreeks mocht en waarvoor ze allicht een norsch gezicht en wat standjes konden oploopen, joeg hen toch gejaagder voort.

De slenter-gaande wandelaars, zwaarvoetig voorttobbend in hun loome wakkeipassen, weken uit voor den drom werklui, voor een oogenblik verrast door den zuigwind van frischheid, die 't gezwinde gaan meebracht, maar daarna weer vinniger voelend de brakke warmte van hun eigen lichamen, de nijdigheid van 't stof, dat stuivend de werklieden navloog, en tegen hen inwolkte.

Ze schonkten al maar voort, spraken weinig, al hun aandacht samentrekkend op het geforceerde gaan, met alleen maar vage voel-oogen yoor wat hen zelf aanging : de trams. Ze keken slechts doezelig-half, als die wagens voorbij snorden, in kleine bangheid, dat er een inspekteur op zou staan, beseffend dat het dan beter is niet op te zien, en tóch weer aangetrokken door het