is toegevoegd aan uw favorieten.

Machteloozen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dadelijk een stevige ,,bruine" aan.

„Je bent laat vandaag," riep Hein, „gisteren aan de zwabber geweest ?"

„Welnee, maar bar gemaft! . .. . kon bijna niet wakker worden.

Hij greep het paard bij een voorpoot heesch die in de travail op — en begon de oude hoef af te trekken. Het paard maakte eenige krampachtige bewegingen, verrast door dat onverwachte trekken.

De smidse gloeide. Een der maats ging al zijn ijzer hitten — en de vonken sparkelden al weer op, slechts flauw zichtbaar in 't volle licht!

Hij sneed en raspte het zeelt gelijk, begon ook het ijzer aan te leggen.

Rondom hamerden en nijdigden nu de korte slagen, dreven stugge spierarmen de nagels in de hoeven, werd weer omgeklonken en bijgeraspt, siste de scherpe brandlucht witwolkend omhoog — en nu en dan tusschen dat gezwoeg hinnikte een paard op, blij en vreemd in dat vroege begin.

De dag en het werk was weer begonnen, en Roelf ploeterde, hamerde even hard als gisteren, om nog wat in te halen.