Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stak hem een cent toe nog voor hij iets vroeg, het aangeboden doosje lucifers begenadigend terugwijzend. Wie Het voor een cent zijn eetlust bederven — en je weet niet waar 't goed voor is. Voor hun plezier doen ze het zeker niet, dacht hij wijsgeerig.

Aan de volgende tafeltjes gaven ze niets, keken daar zelfs niet op, of schudden gemakkelijk van nee. Hij herhaalde, dat-ie 's morgens van Rotterdam was komen loopen, yl om vier uur van de Schiekè af. 't Hielp niet. Ze spraken met elkaar door, krassend met vork en mes over de bordenhardheid, hompjes vleesch en aardappel naar binnen werkend.

't Bleef bij die ééne cent, de cent van den welgedanen man zoo gavelijk-kalm in den weiverzorgden baard.

Aan 't laatste der tafeltjes bleef hij aanhouden, aandringen. ,,Van morge al uit Rotterdam geloope," herhaalde hij smeekerig-klein.

De bezoeker aan het na-eten, loom in zijn doezelkijken van «ik heb den tijd», zich behagelijk voelend vol komen, luisterde vaag zonder dat de klacht op hem insneed.

Sluiten