Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was benoemd — de hoofdonderwijzer-correspondent, die me officieel als pers-collega was komen bezoeken, me 'n paar uur met z'n inzichten betreffend den politieken toestand van het land verzuurd had, me in vertrouwen verhaalde dat-ie liberaal was, liberaal naar den rooien kant, dat-ie dweepte met Multatuli en ' t Gebed van een onwetende in z'n droom kon reciteeren, dat-ie La Ter re van Zola driemaal had gelezen en 'r aanteekeningen bij geschreven, dat-ie niks most hebbe van de Nieuwe richting met'r blauw-blauw en groen-groen en allemaal woorden, die niet bestonden, dat-ie 'n vijand was van Kollewijnsche spelling en aan den Raad 'n adres had gericht over 'n sloot achter de school, 'n adres zóó geestig — al zei-die 't zelf — dat de Raad had zitten schudden van 't lachen en de burgemeester had motten hameren en hameren om de discussie 'r over te openen — „die sloot, Edelachtbaren, riekt naar Boldoot" — was 't slot geweest — of 'k 't in de spiezen had: sloot, Boldoot — sloot, Boldoot — rijm in 't proza 't heel adres door — de hoofdonderwijzer-correspondent was al kctief geweest. Onder Gemengd allerlei stond 't:

Sluiten