is toegevoegd aan uw favorieten.

Kleine verschrikkingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moed van juist dkt kindergrafje, zette 'k hijgend den Vlietschen hoogen hoed op, luisterde, luisterde, luisterde naar de klanken die m'n kokend hoofd doorknepperden ... Na 'n vage eindloosheid kwam 't slotwoord, mocht Ari den krans op 't gevuld aardgat leggen, dropen we vermoeid huiswaarts, twee aan twee, de dominee met Plas voorop.

Het werd 'n nare eterij in 't sterfhuis. De dominee was met de eerste tram vertrokken, Baams moest z'n klanten met groenten gaan bedienen — die kon-ie niet langer laten wachten — de president der muziekvereeniging was 'r stil van door gegaan om z'n varkens te slachten — de schoolmeester had geen minuut vrij voor de school die om halftwee begon — de kok mocht niet langer voor den hotelier uitblijven, zoodat in het sterfhuis de neef, Ari, Plas, ik met vermoeide gezichten om de tafel met de krentebollen en 't wittebrood kwamen te zitten. Ik dronk 'n kop koffie van enkel suiker en melk, neef hapte gretig, Ari zeurde met stikkend gekieskauw van 'n hoorbaar zanderig broodje.

Plas sprak geen woord. Slap-gebogen hurkte-die in z'n stoel, de oogen rood-omrand in 't geel-oud ge-