is toegevoegd aan uw favorieten.

Kleine verschrikkingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de meid: Hè-jeesis juffrouw doe 'm dan dicht!"

„Ik kom 'r niet an... O nee!... Ik kom 'r niet an!...

„Hè-jeesis mensch!"

„Wat bin 'k begonnen," snikte Truus Klos in den hoek bij de deur: „o lieve God! Lieve God!"

De meid had het pitje op tafel gezet, wreef de handen, waarop ze olie gestort had.

Saam stonden ze bij de tafel, zonder spreken, kijkend naar de wittige scheemring aan 't hoofdeind, wit gat in het bruine der kist.

Vlak voor het raam kwam 't schuddend gesmak van hossende boeren en meiden, dat de grond dreuningen kreeg en 'n grove, brutaal-felle stem zette 'n krijsch in : . . . „En de boerèèèè hebbe-'t gewonnèèèè . .. hiephiep hoerSMa ... hiep-hiep hoeraaaa!... En de boerèèèè hebbe-'t gewonnèèèè!" ...

Boven 't hossend, stampend gesmak der schoenen gulpte 't brallend refrein der dansende, schokkende bent. .. „hiep-hiep hoeraaasi! .. hiep-hiep hoeraaa a!"

„ ... Nou juffrouw," aarzelde de meid, de winkeldeur aanduwend: „ik mot weg... Me jongen wacht bij Engel... Wèlbedankt voor 't gezicht" .. .

„O! o! o!" —, klaagzuchtte juffrouw Klos.